In de zomer van 1940 kwam tussen luitenant-kolonel D. Clarke en sir W. Churchill het plan tot stand kleine elite-eenheden te trainen voor het uitvoeren van speciale missies tegen het Nazi-Duitsland wat op dat moment Europa onder de voet liep. Al spoedig werden er Britse militairen opgeleid tot de zwaarst getrainde eenheden ooit, opererend in kleine groepen. Deze militairen werden aangeduid als commandoís; een woord ontleent aan de kleine eenheden van de Hollandse Boeren in de Zuid-Afrikaanse Boerenoorlog. De eenheden bleken een succes. Het onderscheidende symbool voor de commandoís werd de Groene Baret. 
 
 
De Groene Baret: De groene baret wordt internationaal over het algemeen gedragen door commando-eenheden, hoewel in enkele landen ook andere (niet-commando) eenheden met een nagenoeg soortgelijke baret getooid zijn. Daarmee wordt de traditie voortgezet van de commando-eenheden zoals die in de Tweede Wereldoorlog zijn ontstaan. In Nederland zijn alleen de militairen, die de Elementaire Commando-opleiding bij het Korps Commandotroepen met goed gevolg hebben voltooid, gerechtigd tot het dragen van de groene baret.
 
Draagrecht groene baret
In september van verleden jaar (2010) is formeel een wijziging ingetreden ten aanzien van het draagrecht van de groene baret. Na afronding van de Elementaire Commando Opleiding (ECO) wordt door of namens  C-KCT de groene baret uitgereikt en een certificaat. Dit certificaat geeft de militair in opleiding het tijdelijke draagrecht van de groene baret. Dit tijdelijke draagrecht van de groene baret is voorwaarde om de Voortgezette Commando Opleiding (VCO) te volgen. Na het met succes voltooien van de VCO wordt het tijdelijke draagrecht van de groene baret omgezet in een permanent draagrecht. Indien de VCO anders dan om medische redenen vervroegd wordt beŽindigd, zal de militair in opleiding het draagrecht worden ontnomen, ongeacht de reden van vervroegde beŽindiging. Indien C-KCT daartoe termen aanwezig acht kan hij in individuele gevallen besluiten, bij wijze van rechtspositionele maatregel, het draagrecht van de groene baret te ontnemen. Deze bevoegdheid kan hij niet aan anderen overdragen.
 
Tijdelijke ontneming draagrecht
C-KCT kan besluiten het draagrecht van de groene baret tijdelijk te ontnemen indien het aan de schuld van de militair is te wijten dat hij niet heeft voldaan aan de jaarlijkse FIT-eisen en de voor commando's geldende eisen van de basis militaire vaardigheden. De betrokken militair herkrijgt het draagrecht, zodra hij alsnog heeft voldaan aan voornoemde eisen.
 
Bijzonder draagrecht
C-KCT draagt, indien niet commando-gebrevetteerd, voor de duur van zijn functievervulling de commandobaret. Deze regeling omtrent het draagrecht van de groene baret is per 13 september 2010 bekrachtigd door C-LAS in een nota.
 
 
Baret embleem: De ondergrond van het embleem wordt, evenals bij alle Nederlandse baret emblemen, gevormd door de "Gotische W", die duidt op de naam Wilhelmina, Koningin der Nederlanden van 1898 -1948. De dolk die dwars over het embleem loopt is ontworpen naar een originele Engelse commandodolk en is het symbool van de verbondenheid van ons Korps met No10 Inter Allied Commando, waar de Nederlandse Commando's van No 2 (Dutch) Troop in de jaren 1942-1945 toe behoorden. De handgranaat die boven de dolk is gezet heeft een uiteenspattende vlam en duidt op de aggressiviteit die elke commando moet bezitten. Als laatste in het oog springend kenmerk van het baretembleem is de in het lint aangebrachte spreuk "Nunc aut Nunquam" oftewel "Nu of nooit". Zij geeft het doorzettingsvermogen, het onverzettelijke weer waar commando's over dienen te beschikken.
 
 
Het embleem is van goudkleurig metaal en wordt gedragen op een zwarte ondergrond met groene bies.
 

 
Commandokoord: Het commandokoord (fluitkoord) werd voorheen alleen gedragen bij het zogenaamde geklede (avond) tenue voor officieren. Met de invoering van het nieuwe tenue bij de Koninklijke Landmacht (DT 2000) wordt het commandokoord ook gedragen bij het dagelijks tenue. Het is een van zwart-groen gevlochten koord dat aan elkaar gekoppeld is met een koperen klosje zoals het houten klosje bij de traditionele toggle. Het koord wordt gedragen door daadwerkelijk dienenden die gerechtigd zijn tot het dragen van de groene baret.
 
 


 

 
Mouwembleem: Afhankelijk bij welke hogere eenheid, zoals een brigade, een regiment of een hogere stafeenheid, men is ingedeeld wordt een mouwembleem gedragen. Hoewel het Korps Commandotroepen administratief ook is opgehangen aan een dergelijke hogere eenheid is bij invoering van het nieuwe tenue besloten om het Korps Commandotroepen een eigen mouwembleem toe te wijzen. In het embleem van het Korps Commandotroepen is het Fairbairn-Sykes gevechtsmes afgebeeld. Dit mes werd tijdens de Tweede Wereldoorlog uitgedeeld aan de commandoís die tegen de Duitse bezetting streden. Het wereldberoemde mes is het symbool geworden van vele speciale commando-eenheden. De rode commandodolk op een zwarte ondergrond wordt op de rechter bovenmouw gedragen. Het Korpsembleem

 
De Groene Baret zo heet ook het periodiek van de commandostichting. Verschijnt 4 x per jaar. Het beschrijft het wel en wee rond het Korps, leuke en positieve dingen, maar ook de minder leuke en droevige gebeurtenissen. Het blad heeft veel overeenkomsten met ons periodiek zij het dat de periodiek De Groene Baret wat professioneler is opgezet maar dat is logisch. Onze oplage is 180 en de Groene Baret heeft een oplage van 6250 exemplaren.